|
- De eerste stap bij elke band is het bekijken van de
fysieke status, het overschrijven van de band-titel en
het aanbrengen van een (Post-It) nummer, ter referentie.
- De videoband wordt in de bijbehorende videospeler
(VHS, V2000 of bijpassende camcorder) geplaatst, welke
verbonden is met mijn laptop.
- Voordat ik de band ga afspelen, zorg ik ervoor dat de
band zeker 3 keer snel van begin-tot-einde-en-terug
wordt gespoeld. Dit om eventueel stof en tape-spanning
door bv plak uit te sluiten, en de banden
'strak-en-netjes' zijn opgewonden.
- De bandopname kan beginnen: bij VHS en V2000 start ik
het opname-programma op laptop en start zelf de band,
druk op 'Play'. Opnames van camcorder banden worden
gestart door starten van het opname-programma op laptop,
waarna laptop zelf zorgt voor starten van camcorder
- Nadat de videoband is afgespeeld, zijn er meerdere
DigitalVideo (DV) bestanden aangemaakt op de computer.
Bij de analoge banden wordt er elke 10 minuten = 2 Gb
een nieuw bestand gemaakt, bij de digitale (MiniDV)
banden wordt er een bestand gemaakt per clip=continue
opname
- De DV bestanden worden naar MP4 bestanden opgezet,
deze zijn zo'n 75% kleiner (ong 550 Mb)
- De bestanden die gemaakt zijn per band 'plak' ik nu
aan elkaar en maak er duidelijk onderscheidbare
video-clips van.
- Na het
‘plakken’, worden alle bestanden
omgezet naar een nog
efficiënter MP4 formaat (kleinere files zonder dat
kwaliteit minder wordt)
- Alle VideoClip MP4 bestanden worden naar een USB stick
gekopieerd. Per aangeleverde videoband staat er een
aparte directory op de USB stick
- De USB stick bevat ook een overzicht van alle
videobanden en digitalisatie info:
- per videoband de titel, indicatie van tijdsperiode
waarin de videobeelden gemaakt zijn, en de totale
lengte van de video
- bestandsnamen, duur en grootte van de
gedigitaliseerde MP4 bestanden die ik gemaakt heb
tijdens het digitalisatie proces (zie stap6 en 7)
|